Belonen van inconveniënten

By 20 juli, 2020Overig
Wat is een gepaste beloning voor de medewerkers in de Zorg? In de voorafgaande blogs kon ik daar geen antwoord op vinden. Criteria als marktconformiteit, afbreukrisico en de betekenis van hun werk gaven onvoldoende houvast om een fikse loonsverhoging te claimen. Wat dan wel?
 
Die vraag legde ik voor aan mijn vrouw, zelf ook behorend tot de nieuwe helden. ‘Tot nu toe negeer jij de fysieke en mentale inspanningen die wij leveren volledig. Dat kan zomaar niet. Juist die aspecten maken ons soort beroepen zo zwaar.’
 
Zwaar? Helaas. Ik kan er zo weinig mee. Als je op je 50ste in de WAO belandt, ja dan heb je het zwaar voor je kiezen gehad. Maar anders…
 
Voor een afvalverwerkersbedrijf ben ik eens met lieslaarzen en al de stort opgeklommen. De bulldozermachinisten aldaar moesten een nieuw vreemd goedje verwerken dat stonk als de hel. Daar moest klasse 3, de hoogste inconveniëntentoeslag – want daarmee compenseer je zwaar werk – tegenover staan, vonden zij.
 
Klasse 3 is bijvoorbeeld voor grafdelvers, geeft dit systeem aan. Daar begrijp ik dus helemaal niks van. Niet dat ik deze mensen een extraatje misgun. In tegendeel, maar het gaat nu even om het principe. Ik bedoel, als je na het ruimen van 785 graven nog steeds schrikt van hetgeen je in die kuil aantreft, kun je beter wat anders gaan doen. Word dan kabelgraver bij de Enexis of zoiets. Kies een ander beroep, maar zeg niet dat grafdelven zo zwaar is.
 
Goed, ik was nog niet boven op de stort of twee bulldozers verlegden onmiddellijk hun koers en scheerden rakelings langs mij heen, een grote stofwolk smerig spul opblazend. Ik zat van top tot teen onder en, erger, ik stonk als een boerencamembert. Vanuit de cabine werd een raampje opengeschoven. ‘Smerig spul, meneer Baarda, niet leuk om in te werken. Misschien kunt u wat voor ons doen?’
 
Nou daar hoefde die man echt niet om te vragen. Het socialistisch hart bonkte luidruchtig in mijn keel. Wat een misstand. Zoiets kun je toch geen mens aandoen? Die toeslag kregen ze, geen twijfel mogelijk!
 
Twee weken later viel het sociaal jaarverslag bij mij op de mat. Op de middenpagina een grote foto van een lachende bulldozermachinist met daaronder de tekst: “Bulldozermachinist, het mooiste beroep van de wereld!” Was ik er weer ingetuind.
 
Nee, voorlopig ben ik even klaar met medewerkers die zwaar werk verrichten. Maar misschien wordt met ‘zwaar’ vooral de psychische component bedoeld.
 
Ik beloof mijn vrouw volgende week op onderzoek uit te gaan.
 
Werk ze,
Rolf Baarda
 

Leave a Reply